Programma: Amsterdamse Alternatieve Alliantie - Ieder mens telt!

Manifest voor Radicale Eenheid
Poster

Samen winnen of apart ten onder gaan. We staan op een kruispunt. Wanneer de druk van buitenaf toeneemt, is onze diepste menselijke impuls om de muren op te trekken. We worden defensief, we wijzen naar elkaar, en we isoleren degenen die naast ons staan omdat ze “anders” denken of handelen. Maar laten we niet vergeten: elke vinger die we naar een bondgenoot wijzen, is een geschenk aan onze werkelijke tegenstander.

De geschiedenis is glashelder: een verdeeld huis kan de storm niet weerstaan. De onderdrukker en de uitdaging waar we voor staan, hebben geen brute kracht nodig als we onszelf van binnenuit uithollen. Onze verdeeldheid is hun grootste wapen. Daarom spreken wij het volgende af:
  • Onze missie staat boven ons ego. We weigeren onze energie te verspillen aan interne strijd over details, terwijl de kern van ons bestaan wordt bedreigd. We focussen op wat ons bindt, niet op wat ons scheidt.
  • Een bondgenoot is een geschenk, geen vijand. We stoppen met het eisen van perfectie van onze partners. Een imperfecte bondgenoot is een schild; een geïsoleerde bondgenoot is een verloren kans. We vieren wat ons verbindt en parkeren de punten waarop we van mening verschillen.
  • We bouwen bruggen, geen muren. Defensiviteit is een teken van angst; samenwerking is een teken van onoverwinnelijke kracht. We luisteren om te begrijpen, niet om te weerleggen.
  • We spelen het spel van de tegenstander niet mee. We weigeren de pionnen te zijn in de strategie van “verdeel en heers”. Elke keer dat we de neiging voelen om een bondgenoot aan te vallen, richten we onze blik opnieuw op de werkelijke horizon.
De kracht van de wolf zit in de roedel. Alleen zijn we kwetsbaar; samen zijn we een macht waar niemand omheen kan. Laten we de moed opbrengen om over onze eigen schaduw heen te stappen. Laten we kiezen voor de kracht van de handdruk boven de gebalde vuist naar binnen toe. We kiezen voor eenheid, coöperatie en co-creatie.
“Laten we ons realiseren dat we samen in een bootje zitten. Als de één het achteronder in brand steekt, zinkt ook de ander die voorop staat.”

Dit beginselprogramma vertrekt vanuit één fundamentele overtuiging: beleid is pas rechtvaardig wanneer het de menselijke waardigheid respecteert en de rechten van bewoners beschermt. De Grondwet en de universele mensenrechten vormen geen abstracte idealen, maar het concrete toetsingskader voor elk gemeentelijk besluit. Open bestuur, transparantie en toegankelijkheid zijn daarbij geen gunsten van de overheid, maar voorwaarden voor democratische controle. In een tijd van toenemende digitalisering en systeemdenken kiest de gemeente nadrukkelijk voor de mens boven het systeem, voor vrijheid boven controle en voor openheid boven geheimhouding.

Uitgangspunten

  • Grondwet als Kompas: Wij eisen dat de overheid elke handeling en elk nieuw beleidsvoorstel proactief toetst aan de Grondwet en de universele grondrechten. De bescherming van de menselijke waardigheid is niet optioneel, maar de basis van elk besluit.
  • Transparantie en Toegankelijkheid: Overheidshandelen moet volledig open, inzichtelijk en toegankelijk zijn. Alle financiële zaken, begrotingen en uitgaven zijn standaard publiekelijk inzichtelijk, zodat een bewoner nooit eerst informatie hoeft op te vragen om te weten waar publiek geld aan wordt besteed. Besluitvormingsprocessen, algoritmes en contacten met lobbyisten zijn standaard Open Data.
  • Digitale grondrechten: De gemeente voert geen beleid dat leidt tot digitale dwang, indirecte uitsluiting of permanente monitoring van bewoners.
  • Geen surveillancestad: Geen inzet van gezichtsherkenning, geluidssensoren of andere vormen van massasurveillance in de publieke ruimte.
  • Geheimhouding is uitzondering: Vertrouwelijkheid is altijd tijdelijk, gemotiveerd en juridisch toetsbaar.

Amsterdam is een wereldstad, maar geen geopolitieke speler. Juist daarom draagt de stad een bijzondere verantwoordelijkheid om zich te onttrekken aan vijandsdenken, escalatie en symboolpolitiek die verdeeldheid voedt. Vanuit een mensgericht en pacifistisch geïnspireerd uitgangspunt kiest de gemeente voor vrede, dialoog en internationale verbondenheid op basis van ontmoeting en wederzijds begrip. Internationale relaties zijn geen verlengstuk van machtspolitiek, maar een middel om mensen te verbinden, spanningen te verminderen en ruimte te scheppen voor samenwerking voorbij tegenstellingen.

Uitgangspunten

  • Wij verzetten ons tegen vijandschap, oorlogsretoriek en escalatiepolitiek. De gemeente bevordert een cultuur van vrede, dialoog en internationale verbinding. Vanuit een pacifistisch geïnspireerd mensbeeld ondersteunen we initiatieven die ontmoeting, wederzijds begrip en samenwerking tussen volken bevorderen, in plaats van polarisatie en strijd.
  • Gemeentelijk beleid is gericht op de-escalatie en onthoudt zich van symbolisch of materieel beleid dat internationale conflicten aanwakkert.
  • Internationale samenwerking is mensgericht en gebaseerd op uitwisseling, niet op geopolitieke blokvorming.

Wonen, inkomen en toegang tot basisvoorzieningen vormen samen de kern van bestaanszekerheid. Zonder een veilig en betaalbaar thuis, zonder rust over schulden of dagelijkse voorzieningen, is vrijheid een lege belofte. De gemeente kiest daarom voor wonen als recht, niet als handelswaar, en voor ondersteuning die mensen versterkt in plaats van controleert. Beleid op dit terrein is gericht op stabiliteit, lokale verbondenheid en menselijke maat: een stad waarin bewoners kunnen blijven wonen, leven en zorgen voor elkaar, zonder voortdurende druk van marktwerking, bureaucratie of onzekerheid.

Uitgangspunten

  • Betaalbaar Wonen is een Recht:
    • We zorgen voor een eerlijke verdeling van de woningen, verlaging van woonlasten en verkorting van de wachttijd voor een sociale huurwoning. We stoppen met de verkoop of sloop van nog goede sociale huurwoningen. Versterking van sociale huisvesting is een speerpunt om de woningnood tegen te gaan.
    • Afgebroken rechten van huurders worden hersteld. Wooncorporaties worden opnieuw woningbouwverenigingen waar huurders als leden het laatste woord hebben. Er wordt een sociaal erfrecht voor huurders ingevoerd, zodat kinderen kunnen blijven wonen waar ze zijn opgegroeid. Zo koesteren we familie- en buurtrelaties, versterken we de cohesie en gaan we ongewenste doorstroomdruk tegen.
    • Er komt een gemeentelijke wooncoöperatie waar bewoners op niet-commerciële basis mede-eigenaar van kunnen zijn. Naast sociale huur ontwikkelen we coöperatie-gebonden koop, waarbij speculatieve doorverkoop wordt tegengegaan om de woonlasten laag te houden. De privatisering van grond wordt gestopt.
    • We schrappen regels die woningdelen belemmeren en staan permanente bewoning van recreatiewoningen toe.
    • Leegstand wordt ontmoedigd via proportionele maatregelen (tijdelijk, transparant en zorgvuldig). Kraken wordt niet gestraft.
    • Bij nieuwbouw en renovatie wordt gekozen voor natuur-inclusieve bouw. Het gebruik van hennep, hout en olifantgras wordt actief gestimuleerd.
    • Bewoners- en buurtinitiatieven worden ondersteund en actief onderdeel van beleid.
  • Menselijke Schuldhulp en Steun: We maken de schuldhulpverlening eenvoudiger en menselijker. Geen kosten door deurwaarders die het minimuminkomen bedreigen. Werkelijke kwijtschelding door stopzetting van privacy-inbrekende dwangtrajecten.
  • Experimenten met Vrijheid in de Bijstand: We gebruiken alle ruimte in de wet om regels (zoals de sollicitatieplicht) af te schaffen voor meer financiële vrijheid en minder bureaucratie. We streven naar een Onvoorwaardelijk Universeel Basisinkomen.
  • Voedselzekerheid: Een gecoördineerde aanpak tegen voedselverspilling. Winkels die voedsel aan bewoners in nood geven, worden beloond.
  • Lokale binding en sociale cohesie mogen een rol spelen in woonbeleid, mits transparant en rechtvaardig toegepast.
  • Toeristische onttrekking van woonruimte (short-stay, Airbnb, hotelisering) wordt strikt begrensd.
  • De gemeente waarborgt woonzekerheid door canonregelingen en afkoopvoorwaarden zo in te richten dat zij geen tweedeling creëren tussen bewoners die wel en niet kunnen afkopen. Wonen is geen speculatie-instrument, noch voor de markt, noch voor de overheid.
  • Lokale voedselproductie en korte ketens krijgen actief ruimte in en rond de stad.

De economie van de stad is er om mensen een waardig bestaan te bieden, niet om mensen te laten passen in economische systemen. Werk moet zekerheid, betekenis en ruimte geven om te leven, te zorgen en bij te dragen aan de gemeenschap. De gemeente kiest daarom voor een lokale, sociale en veerkrachtige economie waarin menswaardig werk, zeggenschap en maatschappelijke waarde centraal staan. Publiek beleid en publiek geld worden bewust ingezet om lokale bedrijvigheid te versterken, uitbuiting tegen te gaan en te voorkomen dat digitalisering of marktlogica mensen reduceert tot kostenposten of data.

Uitgangspunten

  • De economie is een middel, geen doel: De Amsterdamse economie moet ten dienste staan van menswaardig werk, lokale veerkracht en maatschappelijke waarde, niet van abstracte groei, speculatie of winstmaximalisatie.
  • Menswaardig Werk als Norm: Iedereen die werkt, moet kunnen leven van zijn of haar werk. De gemeente hanteert bij al haar eigen aanbestedingen, subsidies en samenwerkingen een norm voor fatsoenlijke beloning, werkzekerheid en gezonde werktijden. Constructies die leiden tot schijnzelfstandigheid, uitbuiting of permanente onzekerheid worden actief ontmoedigd.
  • Lokale en Coöperatieve Economie: De gemeente stimuleert lokale ondernemingen, coöperaties, ambachten en sociale bedrijven die waarde creëren voor de stad en haar bewoners. Coöperatief eigendom, werknemerszeggenschap en gemeenschapsmodellen krijgen voorrang boven anonieme kapitaalstructuren.
  • Ruimte voor Kleine Ondernemers: Kleine ondernemers, zzp’ers en buurtbedrijven zijn de ruggengraat van de stad. De gemeente beschermt hen tegen verdringing door grootschalige ketens, excessieve huren en overmatige regelgeving. Betaalbare bedrijfsruimte wordt actief behouden en ontwikkeld, met speciale aandacht voor maakindustrie, reparatie, circulaire bedrijvigheid en culturele productie.
  • Gemeentelijk Inkoopbeleid als Hefboom: Publiek geld wordt ingezet om maatschappelijke doelen te versterken. Bij gemeentelijke inkoop en aanbesteding wegen lokale betrokkenheid, duurzaamheid, sociale impact en arbeidsvoorwaarden zwaarder dan alleen de laagste prijs.
  • Werk zonder Angst: De gemeente bestrijdt een cultuur van wantrouwen en controle op de werkvloer. Werkzoekenden en bijstandsgerechtigden worden niet behandeld als probleem, maar als mensen met talenten. Sanctiebeleid wordt teruggedrongen; begeleiding, scholing en vrijwillige participatie krijgen prioriteit.
  • Levenslang Leren, Vrij en Toegankelijk: Scholing en omscholing zijn publiek toegankelijk en niet gekoppeld aan dwang of prestatie-eisen. De stad faciliteert leerwerkplekken, ambachtsscholen en praktijkgerichte opleidingen in samenwerking met lokale initiatieven en bedrijven.
  • Digitalisering ten dienste van werkenden: Digitalisering mag nooit leiden tot onzichtbare selectie, uitsluiting of algoritmische beoordeling van werkenden. De gemeente verzet zich tegen geautomatiseerde systemen die mensen reduceren tot data-profielen en bewaakt menselijke toetsing bij alle besluiten die werk en inkomen raken.

Zorg is geen systeem waar mensen zich aan moeten aanpassen, maar ondersteuning die meebeweegt met het leven dat iemand leidt. De gemeente kiest voor zorg dichtbij, toegankelijk en menselijk, met vertrouwen in professionals, mantelzorgers en bewoners zelf. Zelfbeschikking, regie en waardigheid staan centraal: ondersteuning sluit aan bij persoonlijke behoeften en sociale context, niet bij bureaucratische kaders. Inclusie betekent dat iedereen volwaardig kan deelnemen aan het leven in de stad, met ruimte voor ontmoeting, toegankelijkheid en verbondenheid als fundament voor gezondheid en welzijn.

Uitgangspunten

  • Zorg Op Maat, Zonder Gedoe: Stoppen met bureaucratie in Wmo en Jeugdzorg. Vertrouwen in professionals en wijkverpleging.
  • Zelfbeschikking: De stad breekt met zorginstellingen die herhaaldelijk negatief beoordeeld zijn door de Inspectie. Ambulante (thuis)steun krijgt prioriteit boven institutionalisering.
  • Steun voor Mantelzorgers: PGB-steunpunten moeten bij mensen thuis kunnen helpen. Mantelzorgers hebben recht op een volwaardig salaris via PGB.
  • Inclusieve Publieke Ruimte: Volledige toegankelijkheid en bestrijding van stigma. Speelpleinen worden ‘wielvriendelijk’ (skate/bmx/inclusieve parcoursen).
  • Genoeg openbare WC’s: Altijd een toilet bereikbaar in de publieke ruimte.
  • Regie blijft bij de bewoner: zorg sluit aan bij het leven dat iemand leidt, in plaats van bij verkokerde systemen, indicaties of standaardtrajecten. De gemeente kiest voor maatwerk, vertrouwen in professionals en ruimte voor persoonlijke keuzes, zodat ondersteuning aansluit bij wat mensen werkelijk nodig hebben.
  • De gemeente neemt verantwoordelijkheid voor voldoende lokale zorgcapaciteit, waaronder wijkzorg, GGZ, jeugdzorg en ouderenzorg. Wachttijden, personeelstekorten en het verdwijnen van voorzieningen zijn geen natuurverschijnselen, maar het gevolg van beleidskeuzes. De stad kiest voor tijdige opschaling en behoud van zorg dichtbij huis.
  • De bestrijding van eenzaamheid wordt een structurele publieke taak. De gemeente investeert blijvend in ontmoetingsplekken, laagdrempelige activiteiten en sociale infrastructuur, zodat jongeren, ouderen en kwetsbare groepen duurzaam verbonden blijven met hun buurt en gemeenschap.
  • Zeggenschap over het patiëntendossier: bewoners houden regie over hun eigen medische en zorggegevens. Zij bepalen wie toegang heeft tot hun dossier, welke gegevens worden gedeeld en kunnen inzage, correctie en beperking van gebruik afdwingen.

Onderwijs en ontwikkeling gaan verder dan het klaslokaal. Een vrije, veerkrachtige stad biedt ruimte om te leren, te denken, te ontmoeten en verschillen te overbruggen. De gemeente ziet scholen, bibliotheken, buurthuizen en andere kennisplekken als publieke vrijplaatsen waar kinderen, jongeren en volwassenen zich breed kunnen ontwikkelen, zonder dwang of ideologische sturing. Door ontmoeting, dialoog en open kennis actief te faciliteren, versterkt de stad kritisch denken, sociale samenhang en het vermogen om vreedzaam om te gaan met maatschappelijke spanningen.

Uitgangspunten

  • Vreedzame Scholen: Kleinere klassen en verbinding tussen scholen en jongerencentra voor extra lessen, filosofie en talentontwikkeling op vrijwillige basis.
  • Inclusief Onderwijs: Wij stimuleren en faciliteren de fusering tussen reguliere en speciale scholen, zodat elk kind in een natuurlijke, diverse omgeving kan opgroeien en leren.
  • De Stad als Huiskamer: Vrije Ruimte voor Debat en Ontmoeting:
    • In elke wijk komen laagdrempelige ‘Debat- en Dialoogplekken’ in bibliotheken of buurthuizen.
    • Gratis toegankelijk: Geen zaalhuur voor bewonersinitiatieven en geen consumptieverplichting.
    • Open Microfoon: Wekelijkse uren voor burgers om onderwerpen op de agenda te zetten.
    • Tegenpolen bij elkaar: Actieve ontmoetingen organiseren om polarisatie tegen te gaan.
  • Martin Luther King Jr. Centrum & Kenniscentra:
    • We richten een (digitaal) centrum op bij het Martin Luther King Jr. Park, gebaseerd op het King Center-model, waar jongeren leren maatschappelijke problemen geweldloos op te lossen.
    • Verspreid door de stad realiseren we diverse Kenniscentra voor Vrede en Vooruitgang. Deze plekken bieden brede inspiratie uit verschillende bronnen over maatschappelijke bewegingen en historische progressie.
  • Open Kennis: Gemeentelijk gefinancierde software en kennis worden standaard gratis publiek toegankelijk.
  • Scholen, bibliotheken en andere kennisplekken zijn vrijplaatsen voor dialoog, onderzoek en kritisch denken. De gemeente waarborgt ruimte voor uiteenlopende perspectieven en beschermt deze plekken tegen eenzijdige politieke, ideologische of commerciële beïnvloeding.
  • De gemeente schept de randvoorwaarden voor ontmoeting, debat en maatschappelijke uitwisseling, maar onthoudt zich van inhoudelijke sturing. Zij bepaalt niet welke meningen of visies wenselijk zijn, maar garandeert dat uiteenlopende stemmen gehoord kunnen worden.
  • Algoritmen, datamodellen en geautomatiseerde besluitvormingssystemen die door of namens de gemeente worden ingezet, vallen onder open kennis. Hun werking, aannames en gevolgen zijn inzichtelijk, uitlegbaar en toetsbaar voor bewoners en volksvertegenwoordigers.

Zorg voor de leefomgeving begint bij het besef dat mens, natuur en stad onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. De gemeente kiest voor een groen en gezond Amsterdam binnen de grenzen van wat ecologisch houdbaar is, zonder de betaalbaarheid of woonzekerheid van bewoners onder druk te zetten. Milieubeleid is daarom geen doel op zich, maar een middel om leefkwaliteit, gezondheid en toekomstbestendigheid te versterken. Door keuzes transparant, zorgvuldig en in samenhang te maken, wordt verduurzaming sociaal rechtvaardig en gedragen door de stad.

Uitgangspunten

  • Groen Beleid: Planetaire grenzen centraal. Stimuleren van groene daken en gevels zonder de betaalbaarheid onder druk te zetten.
  • Landschap en Voedsel: Geen zonneweides in open ruimte (wel op daken). In 2035 heeft elke bewoner een voedselbos of gezamenlijke boerderij binnen 2 km.
  • Lichtvervuiling: Strenge reductie van storende TL-verlichting voor een gezonde leefkwaliteit.
  • Milieubeleid mag niet leiden tot energiearmoede, onbetaalbare woonlasten of verlies van woonzekerheid. Verduurzaming gebeurt op een manier die sociaal rechtvaardig is en bewoners niet opzadelt met onoverkomelijke kosten.
  • Lokale voedselzekerheid wordt gezien als een strategisch belang voor de stad. De gemeente ondersteunt korte ketens, stadslandbouw en initiatieven die zorgen voor betaalbaar, gezond en toegankelijk voedsel voor alle bewoners.
  • Milieumaatregelen worden altijd integraal afgewogen tegen gezondheid, veiligheid en leefbaarheid. Beleidskeuzes zijn gebaseerd op aantoonbare effecten en houden rekening met de dagelijkse leefomgeving van bewoners.
  • Hoewel landelijke wetgeving leidend is, benut de gemeente haar ruimte om plaatsing van telecominstallaties zorgvuldig, transparant en in overleg met bewoners vorm te geven.
  • De gemeente Amsterdam waarborgt transparante monitoring van PFAS in bodem, water en leefomgeving en informeert bewoners actief over mogelijke risico’s en maatregelen.

Democratie leeft niet alleen tijdens verkiezingen, maar in het dagelijks functioneren van de overheid. De gemeente kiest voor een open, toegankelijke en controleerbare democratie waarin bewoners daadwerkelijk invloed hebben op besluiten die hen raken. Transparantie, directe zeggenschap en begrijpelijke dienstverlening zijn geen extra’s, maar voorwaarden voor vertrouwen tussen bestuur en stad. Door digitale en fysieke toegang gelijkwaardig te behandelen, waarborgt de gemeente dat niemand wordt buitengesloten van democratische processen of publieke voorzieningen.

Uitgangspunten

  • Directe Zeggenschap: Bindende burgerberaden en referenda met heldere vraagstelling. Deze worden zonder inhoudelijke uitholling uitgevoerd.
  • Open Overheid: Alle besluiten en contacten met lobbyisten zijn standaard openbaar.
  • Digitale en fysieke toegankelijkheid van de overheid zijn gelijkwaardig. Bewoners moeten altijd kunnen kiezen voor persoonlijk contact, fysieke dienstverlening en begrijpelijke communicatie, zonder dat digitale systemen, accounts of procedures een voorwaarde vormen voor toegang tot rechten, voorzieningen of besluitvorming.

Veiligheid is meer dan handhaving en toezicht; zij groeit waar mensen zich veilig voelen in hun buurt, vertrouwen hebben in elkaar en perspectief ervaren in hun leven. De gemeente kiest daarom voor een benadering waarin sociale samenhang, preventie en rechtsbescherming centraal staan. Problemen worden vroegtijdig en menselijk aangepakt, met oog voor de oorzaken van onveiligheid in plaats van symptoombestrijding. Vrijheid en grondrechten vormen daarbij de ondergrens: veiligheid mag nooit worden afgedwongen ten koste van menselijke waardigheid, autonomie of democratische controle.

Uitgangspunten

  • Sociale Aanpak: Minder BOA’s en repressie, meer buurtbemiddeling en kansen.
  • Huiselijk Geweld: Slachtoffers hoeven nooit hun huis te verlaten terwijl de dader blijft. Informatiecentra voor acute hulp in elk stadsdeel.
  • Zelfverdediging: Men mag niet gestraft worden voor zelfverdediging of het beschermen van een kwetsbaar persoon.
  • Veiligheid begint bij sociale cohesie, vertrouwen en zichtbare wijkteams.
  • Proportionaliteit en rechtsbescherming staan centraal bij handhaving.

Mobiliteit gaat over vrijheid: de mogelijkheid om je te verplaatsen, deel te nemen aan het stadsleven en zelfstandig keuzes te maken. De gemeente kiest voor een mobiliteitsbeleid dat veiligheid en toegankelijkheid vergroot zonder bewoners te beperken of uit te sluiten. Veranderingen in verkeer en vervoer moeten begrijpelijk, rechtvaardig en uitvoerbaar zijn, met oog voor mensen die afhankelijk zijn van hun voertuig. Mobiliteit is geen instrument voor controle of gedragssturing, maar een publieke voorziening die bijdraagt aan leefbaarheid, bereikbaarheid en gelijkwaardige deelname aan de stad.

Uitgangspunten

  • Veilige Mobiliteit: Gratis lokaal openbaar vervoer. 30 km/u alleen waar het de veiligheid echt dient; onnodige zones worden teruggedraaid voor betere doorstroming.
  • Handicapvriendelijk: Een uitgebreide business case om de hele stad toegankelijk te maken.
  • Concepten als de ‘15-minutenstad’ zijn alleen acceptabel wanneer zij de vrijheid van bewoners vergroten en niet worden gebruikt voor controle, uitsluiting of beperking van mobiliteit.
  • Bij veranderingen in mobiliteitsbeleid zorgt de gemeente voor realistische overgangsregelingen, uitzonderingen en maatwerk voor ondernemers en bewoners die afhankelijk zijn van hun voertuig, waaronder expliciete uitzonderingen op dieselbeperkingen waar deze tot onredelijke of onbetaalbare situaties leiden.

Cultuur is geen luxe, maar een essentieel onderdeel van een levende stad. Zij verbindt mensen, geeft ruimte aan expressie en draagt bij aan ontspanning, ontmoeting en gemeenschapsgevoel. De gemeente kiest voor een culturele omgeving die toegankelijk is voor iedereen, waarin bewoners en makers zelf het initiatief nemen en de stad als gedeelde ruimte wordt beleefd. Publieke ruimte is er om te ontmoeten en te genieten, met respect voor natuur, buurt en leefbaarheid, en zonder dat commerciële belangen de overhand krijgen.

Uitgangspunten

  • Meer ruimte voor nachtcultuur en laagdrempelig toegankelijke culturele evenementen. Festivals in publieke parken gratis en met respect voor de natuur. Openingstijden van musea en andere cultuur kunnen in overleg met omwonenden worden verruimd. Minder reclame en meer kunst in de publieke ruimte.
  • Voor grootschalige commerciële festivals in kwetsbare stadsparken zoals het Flevopark en het Sloterpark worden geen vergunningen verleend. Deze parken zijn bedoeld als groene longen voor de omliggende wijken, niet als evenemententerrein.
  • Culturele diversiteit ontstaat van onderop, vanuit bewoners, makers en gemeenschappen zelf. De gemeente faciliteert kleinschalige, toegankelijke initiatieven, maar stuurt niet inhoudelijk en legt geen culturele of ideologische kaders op.

“De ware aard van een samenleving blijkt uit de manier waarop ze haar meest kwetsbare leden behandelt.”
— Mahatma Ghandi

Deze overtuiging vormt de rode lijn van dit programma. Wanneer beleid botst met menselijke waardigheid, fundamentele rechten of bestaanszekerheid, kiest de gemeente onvoorwaardelijk voor de mens. Grondrechten zijn geen abstracte idealen of sluitstuk van beleid, maar de harde ondergrens van democratisch handelen. De stad neemt haar verantwoordelijkheid om ook in tijden van druk, crisis of politieke verleiding geen stappen te zetten die leiden tot uitsluiting, dwang of ontmenselijking. Waar systemen, regels of technologieën deze grens overschrijden, worden zij herzien, niet verdedigd.

Uitgangspunten

Wij stemmen in de raad tegen het volgende beleid op basis van grondrechten:

  • Discriminatie en Uitsluiting: Beleid dat leidt tot uitsluiting van mensen met een beperking, segregatie van groepen, of institutionele discriminatie. (NL Grondwet art. 1, UVRM art. 2, VN Verdrag Handicap art. 5).
  • Dictatoriaal Beleid en Autonomie: Beleid dat de autonomie van bewoners bedreigt of wordt gevoerd zonder draagvlak. “Niets over ons zonder ons!” (UVRM art. 21, VN Verdrag Handicap art. 4).
  • Bestaanszekerheid en Uitbuiting: Beleid dat de bestaanszekerheid bedreigt of leidt tot uitbuiting. (UVRM art. 4, 23, 25, NL Grondwet art. 20).
  • Vrijheden en Rechten: Het inperken van fundamentele vrijheden zoals het demonstratierecht of de lichamelijke integriteit. (EVRM art. 7, 10, 11, NL Grondwet art. 7, 9).
  • Status Quo en Polarisatie: Het propageren van de status quo die onrechtvaardigheid in stand houdt. (UVRM art. 28).
  • Ook digitale en technocratische vormen van dwang vallen onder grondrechtenschendingen. Beleid dat via systemen, algoritmen of geautomatiseerde procedures leidt tot uitsluiting, gedragssturing of verlies van autonomie is onverenigbaar met een democratische rechtsstaat.
  • De gemeente kiest actief voor menswaardigheid boven systeembehoud. Wanneer regels, processen of systemen botsen met menselijke waardigheid, bestaanszekerheid of rechtvaardigheid, worden zij herzien in plaats van gehandhaafd om hun eigen logica.